cultuur • archeologie • erfgoed

Ruimte voor archeologie

Resultaten opgravingen Grote Markt Poperinge

 Foto: ARCHEO7

Inleiding
Bij het aantreden van de nieuwe coalitie in Poperinge in 2007 werd de herinrichting van de Grote Markt van de stad als één van de speerpunten naar voor geschoven. Waren de plannen nog verre van concreet, dan zat de jonge intergemeentelijke archeologische dienst Archeo7 al van in dit vroege stadium samen met de stad Poperinge, aangezien een archeologisch onderzoeksproject hier onvermijdelijk zou zijn. Dankzij  deze vroege overlegmomenten is men er in dit project in geslaagd de integratie in en coördinatie met de eigenlijke werken te optimaliseren.

Voorlopige resultaten (per periode)
De resultaten van het onderzoek zijn na de uitvoering van het veldwerk verbluffend te noemen. Het onderzoek zal enkele nieuwe hoofdstukken in de geschiedenis van de stad toevoegen en andere corrigeren. Vooral de evolutie van het hart van een middeleeuwse stad is bijzonder goed uit de archeologische sporen af te lezen. Maar zoals dit vaak het geval is bij een wetenschap, creëert een oplossing op één vraag dadelijk tientallen nieuwe vragen.

Neolithische periode (4500 v. Chr. - 1800 v. Chr.):
Neolithische sporen zijn in de regio enkel bekend op de toppen van de West-Vlaamse heuvels, waar de eerste landbouwers zich gingen vestigen omstreeks 3500 v. Chr. Het aantreffen van een greppel/gracht met daarin twee neolithische werktuigen op de Grote Markt mag dan ook een verrassing heten. Deze gracht mag waarschijnlijk gesitueerd worden in de nabijheid van een neolithische site, waar verder geen gegevens over zijn.
Romeinse periode (0-500):
Tijdens het onderzoek is er amper één Romeinse scherf opgedoken en dat was in een middeleeuws spoor. De Romeinse aanwezigheid op de Grote Markt is dus verre van bewezen.
Vroege Middeleeuwen (700-1000):
Weten we uit de historische bronnen dat Poperinge reeds bestond in de Vroege Middeleeuwen, dan is er tot op vandaag nog geen enkel archeologisch spoor van teruggevonden. Ook op de Grote Markt werden heel weinig sporen aangetroffen, wat op zich interessant is om de perimeter van het Vroegmiddeleeuwse Poperinge aan te duiden.
Volle Middeleeuwen (1000-1200):
De sporen uit de volle middeleeuwen leren ons heel wat over de evolutie van de stad. De Grote Markt was bebouwd met houten woningen die stonden naast een weg met twee afwateringsgrachten. Of deze weg teruggaat op een ouder, Romeins, tracé is tot nu niet duidelijk. Mogelijk kan het onderzoek op de grondstalen daar meer duidelijkheid over geven.
Ten zuiden van de weg loopt een brede, waarschijnlijk natuurlijke, beek(uitgegraven grond helemaal links op fig. 4). Tijdens het opvolgen van de rioleringswerken in de Vlamingstraat in juli 2011 werd dezelfde gracht aangetroffen. Hiermee staat het zo goed als vast dat deze gracht een verdedigingsfunctie had in de volle middeleeuwen en daarmee meteen waarschijnlijk de oudste kern van de stad omsloot. Deze gracht werd opgevuld op het einde van de 13de eeuw en bevat een schat aan archeologisch materiaal (scherven, munten, dobbelstenen, leer, schop, lanspunt, …), wat ons een mooi overzicht kan geven over de materiële cultuur van het 13de-eeuwse Poperinge. Er werd dan ook geopteerd om de vulling van deze gracht in bulk(ca. 20m³) te bemonsteren.

Late Middeleeuwen (1200-1500):

Naar het einde van de 13de eeuw zien we dat er ingrijpende veranderingen plaatsvinden in Poperinge. Een zwarte laag toont de aanleg van een marktplein aan en aan de zuidzijde van dit plein wordt een Halle gebouwd, waarvan de lange zijde 43m lang is.  Aan deze Halle worden even later huisjes gebouwd, die waarschijnlijk een handelsfunctie hadden.

Was deze Halle bekend in de historische bronnen, dan ontbrak tot nu enige kennis over zijn omvang of locatie. Ook de aanleg van het plein in de 13de eeuw verbetert de historische bronnen. Want men ging er van uit dat het plein reeds bestond in de 12de eeuw, toen de stad in 1187 marktrechten verkreeg van graaf Filips van de Elzas.

De stad kende door de lakennijverheid een grote bevolkingsaangroei waardoor de stad, die tot dan waarschijnlijk vrij organisch gegroeid was, nood had aan openbare werken om de stad leefbaar te houden en de groeiende handel de nodige plaats te geven. Ook de bouw van twee nieuwe parochiekerken omstreeks 1290 toont deze bevolkingsgroei in de stad aan.

Nieuwe Tijd (1500- ca. 1800)

Poperinge heeft erg te lijden onder de godsdiensttroebelen op het einde van de 16de eeuw. Historische bronnen maken gewag van een stadsvlucht in de jaren na de Beeldenstorm(1566). De stad Poperinge zou terugvallen van 15.000 naar 500 inwoners. Tijdens deze periode wordt de stad ook herhaaldelijk geplunderd en vernield. Vanuit historische bronnen situeren we de afbraak van de opgegraven Halle en huisjes in deze periode. De bouw van het huidige huizenblok, dat deels op de Halle staat, startte omstreeks 1630, wat de gegevens uit de andere historische bronnen versterkt.

Voor het overige zien we dat het marktplein weinig andere veranderingen ondergaat. Enkel een verdere nivellering, een  betere verharding en paalkuilen, die in verband kunnen gebracht worden met een marktfunctie, worden aangetoond via de archeologische opgraving.

19de-20ste eeuw

Het plein krijgt zijn huidige vorm en enkel de gebouwen rond het plein veranderen nog sterk van vorm, door stedenbouwkundige ingrepen of na bombardementen in de beide wereldoorlogen.