Monumentenwacht aan de slag in Poperingse Sint-Bertinuskerk

Brecht Lagae voor de preekstoel in de O.-L.-V.-kerk©KD

Monumentenwacht voert inspecties uit op historische gebouwen en ondersteunt eigenaars en beheerders in het onderhoud van hun erfgoed. Brecht Lagae is sinds 2003 monumentenwachter interieur voor West-Vlaanderen. Samen met zijn collega Sara Huycke neemt hij de interieurinspecties in onze regio voor zijn rekening. We ontmoeten Brecht in de Poperingse Sint-Bertinuskerk, waar hij vol vuur over zijn job vertelt. (KD)

Wat heb je als monumentenwachter specifiek voor deze kerk kunnen betekenen?

De Sint-Bertinuskerk in Poperinge herbergt heel wat topstukken, maar heeft, net zoals elk ander middeleeuws gebouw, een bepaalde problematiek. Ik heb het interieur van deze kerk in 2007 volledig geïnspecteerd en op basis van mijn bevindingen begeleid ik nu de mensen van de kerkfabriek in het correct omgaan met  hun kerkinterieur, zoals bijvoorbeeld met de calvarie achteraan in de kerk. De calvariebeelden zijn gemaakt uit lindehout en bleken aangetast door de kleine klopkever. Er werd goedbedoeld geprobeerd om dit probleem aan te pakken door boven in de beelden gaten te boren en er een verdelgend product in te gieten. Maar dit is helaas niet de juiste manier om beelden van die ouderdom te behandelen. Iedereen die begaan is met erfgoed probeert op zijn manier een probleem op te lossen en bedoelt dit zeker ook goed, maar het ontbreekt hen vaak aan ervaring en kennis om dit goed te doen.

Uitzicht op de ingang van de Sint-Bertinuskerk, © CO7Door de ervaring en de kennis die ik als monumentenwachter heb, kan ik hen de juiste en meest effectieve aanpak tonen, zowel op vlak van conservatie als onderhoud. Onderhoud speelt een enorm grote rol in een historisch gebouw. Bijvoorbeeld zorgen dat er geen hoge stofdepositie is, want stof is hygroscopisch: het trekt het vocht uit de atmosfeer waardoor je met vochtige microklimaten zit, wat resulteert in schimmels. Of het idee dat de vloeren van een kerk altijd moeten glanzen laten varen. In de middeleeuwen werden vloeren helemaal niet gepolierd. Ze werden geveegd, maar meer niet. Door een glanslaag op een tegelvloer te leggen kan het water in het zandbed onder de tegels niet verdampen. Het water zoekt een uitweg via de steen zelf en drukt tegen de glanslaag aan. De polymeren in deze glanslaag worden weggeduwd terwijl ze een stuk van de steen meetrekken. Dit schadebeeld wordt enorm veel waargenomen in kerken en is louter het gevolg van het streven naar een zo blinkend mogelijke vloer, en niet omdat de vloer veroudert.   

Kennis is dus heel belangrijk voor een monumentenwachter?

« Door de ervaring en de kennis die ik als monumentenwachter heb, kan ik hen de juiste en meest effectieve aanpak tonen, zowel op vlak van conservatie als onderhoud. Onderhoud speelt een enorm grote rol in een historisch gebouw.   »

Er bestaat geen opleiding tot monumentenwachter. De meeste van mijn collega’s hebben een restauratieachtergrond of een diploma cultuur-of kunstwetenschappen. Maar een universitaire opleiding voldoet niet om onmiddellijk als volleerde monumentenwachter aan de slag te kunnen gaan. Het is kwestie van steeds bij te studeren. Monumentenwacht is daarom ook een kenniscentrum waar sterk wordt ingezet op kennis. Ook lopen jongere collega’s met nieuwe kennis een tijdje mee met ervaren monumentenwachters. Je leidt eigenlijk elkaar op in moeilijke en complexe materies.
Een affectie voor erfgoed hebben is eigenlijk het belangrijkste voor een monumentenwachter. Je moet uiteraard ook technisch inzicht hebben, risicofactoren kunnen inschatten en je moet ook wel goed met mensen kunnen omgaan. De provincie wil bijvoorbeeld inzetten op onderhoud en dus promoten ze maatwerkbedrijven. Dit zijn bedrijven waar mensen werken die anders niet in het normale arbeidscircuit terechtkunnen omwille van een of andere problematiek en vaak een specifieke omgang vragen. Als deze mensen goed begeleid worden zijn ze in staat heel goed werk te leveren. En dat is hier in de Sint-Bertinuskerk ook gebeurd. In deze kerk werd het rechterdeel van alle spinnenwebben ontdaan en dit jaar is het de bedoeling om ook de andere kant aan te pakken. Soms clasht het wel eens met de mensen die je begeleidt, maar je moet er zien uit te raken. Ik kan dan wel mijn visie hebben over hoe de kerkfabriek een kerk moet onderhouden, maar ik heb ook respect voor de pastoor die zegt dat het nog altijd een gebedshuis is en geen museum. We moeten elkaar zien te vinden en hier in de Sint-Bertinuskerk kan ik zeker niet klagen. Die mensen doen supergoed hun best. Over het algemeen heb ik eigenlijk wel een heel mooie job!

 

Mag ik het als een jongensdroom zien van jou om met dergelijke zaken bezig te zijn?

« Hierbij is het mijn taak als monumentenwachter interieur om eerst en vooral een inspectie uit te voeren, schade vast te stellen en een advies rond de juiste aanpak te formuleren.  »

Ja, eigenlijk wel. Hoewel het beroep van monumentenwachter op dat moment nog niet bestond. Ik kom uit een artistiek nest en als jong ventje had ik een enorm respect voor mijn vader die beeldhouwer was. Ik was ervan overtuigd dat iedereen datzelfde respect had, wat jammer genoeg helemaal niet zo bleek te zijn. Ik zat hier als ventje van veertien jaar al in de kerk. Ik zat hier op school een beetje verder, en tijdens de misvieringen die hier doorgingen zat ik vol extase de preekstoel te bewonderen. En zo veel jaar later mag ik die dan inspecteren, wat fantastisch is, want ik vind dat ook nu nog een magnifiek stuk. Die mascaron bijvoorbeeld… het duivelsgezicht dat de kunstenaar als spielerei heeft gemaakt om te laten zien wat hij in zijn mars heeft. Het maken van deze preekstoel moet een fortuin hebben gekost aan manuren alleen al.
We plannen een project om de preekstoel te reinigen, maar dat zal niet eenvoudig zijn. Er zal een stelling worden gemaakt door een gespecialiseerde firma, want je kan met ladders niet overal goed bij. Wij inspecteren ook op worm- en zwamaantasting op de plaatsen waar het hout de steen raakt. Hierbij is het mijn taak als monumentenwachter interieur om eerst en vooral een inspectie uit te voeren, schade vast te stellen en een advies rond de juiste aanpak te formuleren . 

Zicht op de Sint-Bertinuskerk, © CO7Zijn er zaken waar je als monumentenwachter niets meer aan kan doen?

Ja, helaas wel. De kale pilaren in deze kerk bijvoorbeeld. In de middeleeuwen werd alles in een kerk gepleisterd, ook de pilaren. Ook werden kerken geschilderd en vaak heel kleurrijk geschilderd. Maar in de jaren zeventig wilde men alles terug zuiver en puur hebben. Men heeft dus alle historische pleister afgekapt tot op de steen, een Atrechtse zandsteen. Ook van de beelden aan de zijkant in de kerk werd in de jaren zeventig de polychromie, de verf,  weggehaald om terug naar het zuivere te gaan. Bij dergelijke procedures gaat helaas heel wat informatie verloren over vroegere verftechnieken en bovendien verlies je ook de grootste waarde van het beeld. Polychromie zetten op een beeld is namelijk heel duur doordat er bladgoud en gemalen edelstenen in verwerkt werden

© KD


Contactpersonen